Preventie, betuttelen en overkill

Wie niet eet zal na verloop van tijd merken dat hij/zij minder werk kan verzetten. Je moet eten om te kunnen presteren. Het geven van voedingsadviezen lijkt eenvoudig, maar mensen hebben tegenwoordig meer keuzemogelijkheden en staan veel vaker bloot aan verleiding. Preventie is wegbezuinigd, omdat dit door de minister als betuttelend wordt ervaren. Toch is er nu sprake van een andere vorm van betutteling dan toen we nog een klein beetje aan preventie deden.

Betuttelen

Betuttelen betekent volgens het etymologisch woordenboek “kleine verbeteringen aanbrengen”. Het woord is afgeleid van betittelen, en dat zou betrekking hebben op de puntjes op de i zetten. Betuttelen heeft volgens het etymologisch woordenboek te maken met nauwkeurigheid. In een paar online woordenboeken worden de volgende betekenissen genoemd: “ongevraagd iemand zeggen wat hij moet doen” en volgens het puzzelwoordenboek kan het ook worden omschreven als “bedillen”, “bevoogden” of ”beleren”. Het is een woord dat een beetje past bij klein maken en klein houden oftewel "een beetje" kleineren. Maar is dat wel hetgeen dat er bij preventie gebeurt?

Preventie

Preventie is voorkomen dat er problemen ontstaan door van te voren in te grijpen. In Wikipedia staat zelfs de volgende definitie te lezen: “Preventie is het geheel van doelbewuste initiatieven die anticiperen op risicofactoren (= handelen voordat het probleem ontstaat) en ageren wanneer eerste signalen zich ontwikkelen en de problematiek aan het ontstaan is.” Met andere woorden er wordt gehandeld voordat er een probleem is ontstaan en er wordt gehandeld zodra de eerste tekenen zich aandienen van een (nieuw) probleem. Er staat niet bij vermeld hoe dat preventie in zijn werk gaat of kan gaan. Ook staat nergens vermeld dat het hier gaat om “bevoogden”, “bedillen” of “beleren”. Er is dus per definitie geen sprake van kleineren.

Informatie

Tegenwoordig willen mensen zelf kunnen kiezen, maar om een eerlijke keuze te kunnen maken dient iemand goed geïnformeerd te zijn wat de consequenties zijn van de verschillende keuzen. Als het gaat om voeding zijn er tegenwoordig veel “zenders van informatie” waardoor het voor de consument niet meer inzichtelijk is wie er gelijk heeft. Recent is daar nog een lezing over gehouden door de hoogleraar Voedingswetenschap Frans Kok. Eerlijke informatie over voeding is op de website van het Voedingscentrum te vinden en bij voedingskundigen en diëtisten die integer met hun vak omgaan, dat wil zeggen dat ze zich kritisch opstellen en niet met een dubbele agenda werken.

Veel onzekerheid bij consument

Daarnaast is er de druk vanuit de consument die graag harde uitspraken wil horen, maar die zijn niet te geven in voedingsland. Veel onderzoeksuitkomsten zijn met onzekerheid omgeven, doordat de uitkomsten van voedingsonderzoek door veel andere factoren wordt beïnvloed. Voedingswetenschappers geven hun conclusies in wetenschappelijke artikelen dan ook met de nodige voorbehoud, omdat ze bij de interpretatie van de onderzoeksresultaten ook bekijken welke factoren invloed gehad zouden kunnen hebben op de uitkomst. Hierdoor is er vaak een conclusie in de trant van twee zaken die gezamenlijk voorkomen, maar daarbij is er niet direct sprake van een oorzakelijk verband.
Voor de consument is het lastig om dagelijks toch gezonde keuzes te maken, omdat er enorm veel reclame is waarin van alles wordt gesuggereerd over effecten van bepaalde voedingsmiddelen. Hierbij gaat het zowel om pure, onbewerkte voeding, maar ook om bewerkte voedingsmiddelen, voedingsmiddelen waaraan extra stoffen zijn toegevoegd om het uiterlijk van een voedingsmiddel- of om de inname van voedingsstoffen te verbeteren.
De consument laat zich echter ook graag leiden door “wat er beschikbaar is” en de verleidingen voor minder gezond voedsel zijn gedurende de laatste decennia enorm toegenomen.

Overkill aan keuzes

We kunnen tegenwoordig overal eten waar we willen. Wanneer we “op reis” gaan kunnen we bij het benzinestation kiezen uit diverse zoetwaren en frisdranken. Veel keuze voor gezonde voedingsmiddelen zonder overbodig suiker of zout is er helaas niet. Voor wie vaak met het openbaar vervoer reist geldt eigenlijk hetzelfde. Onlangs werd de stationspassage met veel eetgelegenheden voor de “snelle hap” van het nieuwe Rotterdam CS in aanbouw geopend. Ook hier is het opvallend dat er nauwelijks een “gezonde hap” te koop wordt aangeboden.
Nog een vergelijking: Nederland is van oudsher een land van melkdrinkers, maar bij de dagelijkse boodschappen valt op dat de schappen voor gezoete zuivelproducten steeds groter worden en “gewone melk, yoghurt, karnemelk of kwark” lijken steeds minder verkocht te worden. Gevolg van gebrek aan informatie, verwarring of toch een overkill van reclame en prikkels voor verleiding?
Op een af nadere manier bekruipt me het gevoel van betutteld te worden door een overkill aan reclame en andere prikkels van de multinationals. Mag dat dan wel?


Geplaatst door Anneke Palsma op 31 January 2013