Voedingssupplementen nodig?

Op 17 juni adviseerde de commissie Anti Doping Aanpak in hun rapport over de dopingcultuur binnen het wielrennen bij de heren in Nederland om wielrenners op jonge leeftijd te leren dat goede voeding, uitgebalanceerde trainings- en wedstrijdprogramma’s en een goede mentale begeleiding de basis zijn voor goede prestaties. Een mooi moment om voedingssupplementen nader te belichten.

Goede basisvoeding: een belangrijke pijler

Een sporter kan zijn prestatie op een goede manier optimaliseren door zijn trainings- en wedstrijdschema goed uit te kienen. Mentale training kan helpen om beter om te kunnen gaan met de prestatiedruk en het opbrengen van de discipline van het trainings- en wedstrijdschema. Rust is een belangrijke pijler voor een goede prestatie en het behoud van gezondheid. Een goede voeding is daarnaast zeer belangrijk. Met een goede basisvoeding is zelfs veel meer winst te behalen, terwijl veel sporters het idee hebben dat het verschil wordt gemaakt door specifieke voedingssupplementen, maar daar kunnen nadelen aan kleven.

De schaduwzijde van supplementengebruik 

Supplementen kunnen vervuild zijn met dopinggeduide stoffen. Voor sporters die in aanmerking komen voor dopingcontroles is het nodig dat zij supplementen gebruiken waarbij het risico op vervuiling met dopinggeduide stoffen zo klein mogelijk is. Daarvoor is in Nederland het Nederlands Zekerheidssysteem Voedingssupplementen Topsport, oftewel het NZVT-systeem ontwikkeld. Op deze lijst staan alle badges van supplementen vermeld die op sporen van dopinggeduide middelen zijn getest.
Voedingssupplementen beloven vaak veel, maar leveren weinig in verhouding tot hun beloftes. Omdat hier duidelijkheid over te geven heeft NOC*NSF een lijst met supplementen opgesteld die bewezen werkzaam zijn.
Wie echter start met supplementen kan sneller in verleiding komen “om het ene pilletje door een ander pilletje te vervangen”.

Bewust vervuilde supplementen

Daarnaast zijn er ook voedingssupplementen op de markt waaraan bewust een stofje is toegevoegd om ze werkzaam te maken. In het fitness kennen we de voorbeelden van supplementen die vervuild zijn met anabole steroïden, waardoor de extra spierkracht die wordt beloofd ook “kan worden gerealiseerd”. In 2009 meldde het Rijks Instituut Volksgezondheid en Milieu (RIVM) dat veel illegale afslankmiddelen stimulantia bevatten. Stimulantia staan ook op de dopinglijst.

Licht gewicht kan nadelig zijn

Een (duur)sporter kan gebaat zijn bij een licht gewicht, omdat hij dan minder energie hoeft te leveren om zich te verplaatsen. Een sporter die uitkomt in een gewichtsklasse kan voordeel hebben bij een lichter gewicht, omdat hij/zij dan kan uitkomen in een lagere gewichtsklasse. Een esthetische sporter kan baat hebben bij een lichter gewicht om een mooier lijf te hebben. In alle gevallen kan een lichter gewicht juist een vermindering van kracht betekenen, waardoor er minder wordt gepresteerd dan gewenst.

Lichaamssamenstelling belangrijk

Voor de meeste sporten is kracht en lichaamsbeheersing belangrijk. En goed spierkorset is hiervoor een belangrijke voorwaarde. Dat bereik je door een gerichte training, rust en goed afgestemde voeding. De basisvoeding is hier vooral belangrijk voor en levert meer dan je denkt. Omdat spierweefsel per gram een kleiner volume heeft weegt een gespierde sporter zwaarder dan iemand met dezelfde lichaamsomvang met meer vetweefsel. De laatste persoon is echter minder sterk. Een sportdiëtist zal bij het voedingsadvies altijd streven naar een zo optimaal mogelijke lichaamssamenstelling van de sporter en dat hij/zij een goede gezondheid behoudt en zo optimaal mogelijk kan presteren.  

Verschillen tussen duur- en krachtsporters

Voor een duursporter is voldoende brandstof in de vorm van koolhydraten belangrijk, maar bouwstoffen voor de spieren (eiwitten) zijn ook hard nodig. Door de inspanning beschadigen de spiervezels en de eiwitten zijn dan nodig voor de opbouw en het herstel van (nieuw) spierweefsel. Dit is voorafgaand en na de inspanning nodig, maar tijdens een lange duur inspanning, zoals een wielerkoers, is dat helemaal een must.
Een krachtsporter heeft ook brandstof nodig, maar ook veel eiwit, omdat deze sporter veel van zijn spiervezels vraagt. Hij/zij heeft een hogere eiwitbehoefte dan een duursporter.
Teamsporters trainen zowel op kracht als duur voor het verbeteren van hunn prestatie, zodat zij hier eigenlijk vaak “tussen in zitten”.
Zowel voor de kracht-, duur- als spelsporter geldt dat een goede timing van de voedings(stoffen)inname rondom trainingen en wedstrijden nodig. En doorgaans kan dit goed worden bereikt met basisvoedingsmiddelen.

Maar suppletie kan toch nodig zijn?

De meeste sporters hebben geen supplementen nodig als ze zich goed voeden. Daar moet al op jonge leeftijd aandacht voor zijn, want jong geleerd is oud gedaan.
Het komt natuurlijk ook voor dat sporters niet voldoende hebben aan een goede basisvoeding, omdat de sportieve inspanning te groot is; er is sprake van een grotere behoefte aan voedingsstoffen door een minder goede opname of een  groot verbruik. Omdat er een grote keuze is, is het altijd eerst verstandig om eerst met de sportarts te overleggen en de voeding te laten beoordelen door een sportdiëtist, voordat er gestart wordt met voedingssupplementen.

Meer weten?

Wil jij je jonge sporters goed informeren over voeding en voedingssupplementen? Neem gerust eens contact op. Het zou jammer zijn als je door het gebruik van een voedingssupplement een positieve dopingtest achter je naam krijgt en/of gezondheidsschade oploopt, terwijl er met een goed samengestelde en getimede basisvoeding al voldoende winst te behalen is.


Geplaatst door Anneke Palsma op 20 June 2013