Schone Tour de France

Zaterdag 29 juni start ‘ie weer: de Tour de France. Elke keer wordt de vraag gesteld: “Kan dit wel met “gewone voeding”? De Tour staat bekend als één van de zwaarste uitdagingen binnen de sport waar enorm veel brandstof voor nodig is. Daarom nu eens een kijkje in de keuken bij deze wielerronde en een paar verhalen van sporters die hem zonder doping hebben gereden.

Veel voeding en vocht nodig

Een deelnemer aan de Tour de France verzet zeer veel lichamelijk werk en dient dus voor een goede brandstoftoevoer te zorgen. Daarnaast is er behoorlijke koeling nodig, omdat het fietsen zelf voor veel warmte zorgt. Bovendien is de kans op warme/hete dagen ook groot, zodat er dagelijks nog meer vocht gebruikt moet worden. Daarom heeft een wielerploeg een behoorlijke boodschappenlijst voor levensmiddelen om de coureurs van voldoende bouw- en brandstoffen te voorzien. Er is wel eens berekend dat de een wielrenner gemiddeld tussen de 5000 en 9000 kCal per dag nodig heeft. De energiebehoefte is onder andere afhankelijk van de afstand, de zwaarte van de cols, de temperatuur en eigenschappen van de individuele renner zelf. Zo is leeftijd een bepalende factor, want oudere renners hebben een lager basaal metabolisme waardoor ze net wat minder energie (lees: brandstof) nodig hebben dan jongere renners.

Eten tijdens de koers

Tijdens de koersdagen wordt er meestal één keer halverwege de koers een tasje met eten en drinken aangereikt, maar tijdens de langere etappes zijn er twee ravitailleringsmomenten. Het etenspakketje bestaat uit een paar bidons en eventueel een blikje frisdrank en verder vooral producten met een klein volume met een hoog koolhydraatgehalte, zoals gelletjes of kleine broodjes gevuld met fruit en/of jam en energierepen. Het is belangrijk dat deze niet kruimelen of droog zijn, omdat renners dat lastig “weg kunnen krijgen”. Tijdens een inspanning neemt de bloedtoevoer in het spijsverteringskanaal fors af, waardoor er geen grote en zwaar verteerbare maaltijden kunnen worden verwerkt. Een verzorger van een wielerploeg vertelt wat er zoal in zo’n tasje wordt aangeboden. Bij het aanreiken van de pakketjes met levensmiddelen is er een goede tactiek vereist.

Drinken zeer belangrijk

De mens is eigenlijk heel inefficiënt als motor. Van de energie wordt er ongeveer 20% gebruikt voor spierarbeid, terwijl er circa 80% vrijkomt als warmte. Hierdoor kan de temperatuur in het lichaam enorm oplopen. Het lichaam reageert hierop door de warmte uit te zweten en verliest veel vocht. Op een winderige dag kan dit te laat worden opgemerkt, omdat de sporter niet zo snel merkt dat hij zweet.
Deelnemers aan een meerdaagse wielerkoers met lange ritten dienen hier alert op te zijn en ervoor te zorgen dat ze voldoende drinken. Gedurende een koersdag heeft een renner gemiddeld  5-6 liter vocht (water en sportdrank) nodig om uitdroging en honger tegen te gaan. Dit vocht wordt natuurlijk niet in een keer aan de wielrenners meegegeven, omdat ze het liefst zo weinig mogelijk gewicht meenemen. Een bidon met inhoud weegt namelijk iets meer dan 500 g. Het overige vocht wat niet vanaf het begin op de fiets wordt meegenomen of tijdens de ravitaillering wordt uitgereikt wordt vanuit de ploegwagens tijdens het rijden zelf aangegeven aan de individuele renners. Meestal heeft iedere ploeg een paar knechten/waterdragers die hier meerdere bidons meenemen om ook hun ploegmaats van voldoende vocht voorzien om de etappe goed uit te kunnen rijden.

Herstellen en voorraad laden

Voor de renners is het belangrijk om de lege energievoorraden na de koers zo snel mogelijk weer aan te vullen. Ook dient er eiwit ingenomen te worden om de opgelopen spierschade te herstellen. Dit moet het liefst binnen 1 a 2 uur na de koers gebeuren. Een goede hersteldrank heeft een eiwit-koolhydraten van 1 staat tot 3 of 4.
Na deze snelle herstelmaaltijd volgt de avondmaaltijd, waarbij ook rekening wordt gehouden met het laden van voldoende bouw- en brandstoffen. Daarna moet er een goede nachtrust worden genoten, omdat het lichaam zich zo goed mogelijk moet herstellen.
De belangrijkste maaltijd is het ontbijt en daar wordt ruimhartig gebruik van gemaakt, zoals uit dit filmpje over een geheel dagmenu blijkt. Tijdens het ontbijt is er duidelijk sprake van een innamepiek qua energie. Dat is ook logisch, omdat het lichaam dan nog in relatieve rust is en de bloedtoevoer naar het spijsverteringskanaal zo optimaal mogelijk kan zijn om aan alle voedingsstoffen zo goed mogelijk op te nemen.

Is het mogelijk om de Tour “schoon” uit te rijden?

Bauke Mollema, ambassadeur van 100% Dopefree gaat ook voor een schone Tour de France. Er wordt wel beweerd dat je de Tour niet wint op een boterham met pindakaas. Dat klopt. Er is veel meer voor nodig, zoals hiervoor is uitgelegd. Dat het zonder doping kan is door meerdere mensen bewezen. Vorig jaar nog reedt de sportarts Tessa Bakhuizen dezelfde etappes van de Tour en zij deed dit zonder doping. Ook de Franse journalist Guillaume Prebois bewees al in 2007 dat de Tour de France zonder doping te rijden is.
En dan te bedenken dat deze mensen veel minder verzorgers om zich heen hebben dan de wedstrijdrenners. Daarom: Het kan dus wel…


Geplaatst door Anneke Palsma op 27 June 2013